|
| Levensloop |
 |
|
|
 |
|
|
|
|
|
| |
Levensloopregeling |
|
| Vanaf 1 januari 2006 is de nieuwe
'levensloopregeling' van start gegaan. Hiermee krijgen
de werknemers het wettelijk recht op deelname hieraan.
|
|
| |
De Levensloopregeling kan een alternatief
vormen voor het fiscaal geblokkeerde VUT en pre-pensioen.
In het sociaal akkoord van 6 november 2004 is er
met de werkgevers en werknemers organisaties afgesproken
de levensloopregeling aantrekkelijker te maken.
De maximale opbouw is van 1,5 jaarsalaris naar 2,1
jaarsalaris gebracht. Hiermee kan tot 3 jaar onbetaald
verlof worden gefinancierd van 70% van het laatstverdiende
loon. Tevens komt er bij opname van het tegoed een
extra belastingvoordeel van maximaal € 183,00 per
gespaard jaar.
De levensloopregeling
Middels de levensloopregeling kunt u een kapitaal
opbouwen dat u als inkomen kunt gebruiken tijdens
onbetaald verlof of als aanvulling op een vroegpensioen.
Werknemers mogen zelf bepalen of ze aan de levensloopregeling
deelnemen. Ook bepalen zij zelf bij welke financiële
instelling zij dit doen. Werkgevers zijn op hun
beurt verplicht om een gedeelte v/h salaris over
te boeken naar een levenslooprekening.
De levensloopregeling is fiscaal gezien de meest
gunstigste manier om eerder stoppen met werken mogelijk
te maken. Tevens biedt de levensloopregeling u de
mogelijkheid om tijdens uw loopbaan verlof op te
nemen.
Verlof
De levensloopregeling kan in principe gebruikt worden
voor de financiering van alle vormen van verlof.
Bijvoorbeeld:
Eerder stoppen met werken
Zorg- of Studie verlof
Sabbatical Year
Ouderschaps verlof
De lengte van een verlofperiode kunt u zelf bepalen
binnen het bedrag dat is opgebouwd en uiteraard
in overleg met uw werkgever. Opgebouwde rechten
worden in het kader van de sociale zekerheid gerespecteerd
indien het verlof maximaal anderhalf jaar bedraagt.
Hierna is de Wet onbetaald verlof en sociale zekerheid
niet meer van toepassing. Dat betekent dat de werknemer
in deze situatie niet verzekerd is in geval van
ziekte arbeidsongeschiktheid of werkloosheid. Indien
een verlofperiode van langer dan 18 maanden wordt
opgenomen direct voor de pensioendatum is dit geen
probleem. In andere situaties moet hiermee rekening
worden gehouden.
Maximaal sparen
De levensloopregeling is een individuele regeling
waarbij werknemers jaarlijks maximaal 12% van hun
bruto jaarsalaris in mogen leggen. De 12% grens
geldt niet bij een eenmalige inbreng uit afgekochte
prepensioenrechten en voor werknemers boven 50 jaar.
De levensloopspaarrekening mag maximaal 2,1 keer
het jaarsalaris bevatten De levensloopregeling is
gebaseerd op de zogenaamde omkeerregeling. Over
het gespaarde bedrag betaalt u geen belasting. De
opnames worden wel belast met de loonheffing. Over
de inleg zijn wel premies voor de werknemersverzekeringen
verschuldigd. Het gespaarde bedrag in de levensloopregeling
is fiscaal onbelast en telt niet mee voor het zogenaamde
box 3 vermogen.
De levensloopregeling staat ook toe dat u vrije
dagen als inleg gebruikt. Deze kunt u later weer
als verlof opnemen. Afspraken hierover maakt u met
uw werkgever.
Wat gebeurt er met de spaarloonregeling?
De spaarloonregeling blijft in zijn huidige vorm
bestaan. Het normbedrag wordt niet aangepast en
blijft maximaal € 51,08 per maand. Wel dient er
jaarlijks een keuze te worden gemaakt tussen de
levensloopregeling of een spaarloonregeling. Beide
tegelijk mag niet. Ieder jaar kunt u weer opnieuw
kiezen.
Uw huidige spaarloonregeling kunt u wel voor 4 jaar
op een geblokkeerde rekening vastzetten en daarna
vrij opnemen. Afhankelijk van uw spaarloonregeling
reglement kan het saldo soms eerder worden gedeblokkeerd.
(bijvoorbeeld bij storting van lijfrentepremie of
voor aankoop van een woning).
Meer informatie over de levensloopregeling
Vul dan het advies formulier in voor een gedegen
en vrijblijvend advies over de levensloopregeling.
Vul vrijblijvend ons advies
formulier in
|
|
|
|
|
|
|
|