Wat houdt de Pensioenwet
in?
De Pensioenwet bevat zowel regelgeving voor de
pensioenfondsen en verzekeraars ('pensioenuitvoerders')
als voor werkgevers met een pensioenregeling.
Als u uw personeel een pensioenregeling aanbiedt,
krijgt u vooral te maken met nieuwe eisen aan
de manier waarop u uw medewerkers informeert over
hun pensioen. De nieuwe wet treedt in fasen tot
en met 2009 in werking, zodat u voldoende tijd
heeft om u voor te bereiden. Wat houdt de pensioenovereenkomst
in? Het begrip pensioenovereenkomst komt in de
nieuwe wet in plaats van de term pensioentoezegging.
Verder houdt die verandering geen inhoudelijke
wijzigingen in. De wetgever wil hiermee alleen
benadrukken dat als een werknemer aan uw pensioenregeling
gaat deelnemen er sprake is van een overeenkomst.
Wat zijn uw verplichtingen met betrekking
tot de pensioenovereenkomst?
U moet aangeven wat voor karakter de pensioenovereenkomst
heeft. Dit geldt vanaf 1 januari 2008 als u een
pensioenregeling bij een pensioenfonds heeft en
per 1 januari 2009 als een verzekeraar uw regeling
uitvoert. De pensioenovereenkomst kan het karakter
hebben van een uitkeringsovereenkomst, kapitaalovereenkomst
of premieovereenkomst. Bij de uitkeringsovereenkomst
gaat het om defined benefitregelingen. Met een
premieovereenkomst regelen u en de werknemer de
pensioensopbouw via een beschikbare premieregeling.
De kapitaalovereenkomst is een overeenkomst waarbij
de werknemer pensioen opbouwt via een kapitaalverzekering.
Deze laatste vorm van pensioensparen komt maar
weinig voor.
Welke nieuwe verplichtingen voor de werkgever
kent de Pensioenwet?
Het gaat om de volgende drie informatieplichten:
1. Vanaf 1 januari 2007 moet u een nieuwe werknemer
tijdig informeren of u hem al dan niet een aanbod
voor deelname aan een pensioenregeling doet.
2. Nadat een nieuwe medewerker deelneemt aan uw
pensioenregeling moet u zorgen dat hij van de
pensioenuitvoerder tijdig informatie ontvangt
over de inhoud van de regeling. Dit gebeurt in
de vorm van een zogeheten startbrief. Deze plicht
gaat in per 1 januari 2008 als u uw regeling bij
een pensioenfonds heeft ondergebracht en per 1
januari 2009 als u een regeling heeft bij een
verzekeraar.
3. Bij een wijziging van de pensioenregeling bent
u er verantwoordelijk voor dat de pensioenuitvoerder
de werknemer hier op tijd over inlicht. U krijgt
met deze plicht te maken per 1 januari 2008 als
u een regeling heeft bij een pensioenfonds en
per 1 januari 2009 als een verzekeraar uw pensioenregeling
uitvoert.
Wanneer moet u uw werknemer laten weten
of u hem wel of geen aanbod doet voor deelname
aan uw pensioenregeling?
U moet de nieuwe medewerker hier binnen een maand
na ingang van het arbeidscontract schriftelijk
over informeren. Als u een aanbod doet dan moet
u ook vermelden wanneer de deelname aan de regeling
ingaat. U kunt de maand ook stilzwijgend laten
passeren. Dan heeft de nieuwe medewerker recht
op dezelfde pensioenovereenkomst die u ook met
uw overige werknemers bent aangegaan. Voorwaarde
is wel dat de medewerker tot deze groep werknemers
behoort. De termijn van een maand is belangrijk
als u de nieuwe werknemer een specifiek pensioenaanbod
wilt doen of als u hem of haar niet wilt laten
deelnemen aan uw pensioenregeling. Is dit niet
het geval dan hoeft u niets te doen.
Hoe ziet uw informatieplicht eruit met betrekking
tot het informeren van een werknemer die gaat
deelnemen aan de pensioenregeling? Nadat de werknemer
akkoord is gegaan met de pensioenovereenkomst
is het uw verantwoordelijkheid dat de pensioenuitvoerder
hem of haar een startbrief stuurt. De pensioenuitvoerder
moet de nieuwe deelnemer met deze brief zo helder
en volledig mogelijk informeren over de inhoud
van de pensioenregeling. De medewerker moet de
startbrief ontvangen uiterlijk drie maanden nadat
de pensioenovereenkomst is ingegaan.
Waar moet de startbrief aan voldoen?
Volgens de Pensioenwet moet het taalgebruik in
de startbrief duidelijk en begrijpelijk zijn.
De wet legt niet expliciet uit wat daar mee bedoeld
wordt. De pensioenuitvoerders en de toezichthouder
Autoriteit Financiële Markten (AFM) zullen dit
in de praktijk moeten bepalen. Het betekent in
ieder geval dat het alleen toezenden van een formeel
pensioenreglement niet voldoende is. Daarnaast
moet de pensioenuitvoerder de startbrief op papier
aan de nieuwe deelnemer toesturen. Bij de startbrief
gaat het om een gedeelde verantwoordelijkheid
van u en de pensioenuitvoerder. U kunt het beste
afspraken over de inhoud van de brief vastleggen
in de uitvoeringsovereenkomst die u met de pensioenuitvoerder
aangaat. Daarnaast kan het geen kwaad als u de
startbrief door een jurist laat beoordelen.
Welke informatie moet in de startbrief
staan?
1. Uitleg over de basispensioenregeling: onder
andere de ingangsdatum van de regeling, de pensioenvorm
2. Informatie over het soort pensioenovereenkomst
3. De keuzemogelijkheden van de deelnemer: bijvoorbeeld
het omzetten van nabestaandenpensioen in ouderdompensioen
of andersom
4. Melding of en onder welke voorwaarden er indexatie
plaatsvindt
5. De risico's die de deelnemer loopt
6. De mogelijkheid tot een vrijwillige pensioenregeling
(pensioensopbouw zonder bijdrage van de werkgever)
en de vorm waarin dat kan
7. Het recht van de deelnemer om van de pensioenuitvoerder
het pensioenreglement te ontvangen
8. Een omschrijving van het wettelijk recht van
de deelnemer op waardeoverdracht.
Hoe ziet uw informatieplicht bij een wijziging
van de pensioenovereenkomst eruit?
Bij een wijziging moet u zorgen dat de pensioenuitvoerder
de werknemer binnen drie maanden inlicht over
de gevolgen van de veranderingen voor zijn of
haar pensioen. Het pensioenfonds of de verzekeraar
moet de werknemer er daarbij attent op maken dat
deze het recht heeft om het aangepaste pensioenreglement
van hen te ontvangen. Net als bij de startbrief
gaat het bij het tijdig en juist melden van een
wijziging om een gedeelde verantwoordelijkheid
van u en de pensioenuitvoerder. Ook hier is het
goed om een jurist de inhoud van een door de pensioenuitvoerder
opgestelde wijzigingsbrief te laten bekijken.
Waar eindigen uw verantwoordelijkheden?
Uw verantwoordelijkheid houdt grotendeels op als
de werknemer de startbrief heeft ontvangen. Alleen
bij een wijziging van de pensioenovereenkomst
moet u nog zorgen dat de werknemer tijdig informatie
over de wijziging ontvangt. De pensioenuitvoerder
is verder verantwoordelijk voor communicatie over
het pensioen met de werknemer. Onder meer door
de deelnemers jaarlijks te informeren over hun
pensioensopbouw en de indexatie. U hoeft er alleen
voor te zorgen dat de pensioenuitvoerder op tijd
de premies ontvangt en dat deze de noodzakelijke
informatie van u krijgt om de pensioenregeling
goed uit te voeren. Afspraken over beide zaken
moet u vastleggen in de uitvoeringsovereenkomst.
Wat is de uitvoeringsovereenkomst en waarom is
deze belangrijk?
Ook de uitvoeringsovereenkomst is een vernieuwing
van de Pensioenwet. Deze overeenkomst vervangt
de verzekeringsovereenkomst of financieringsovereenkomst.
Het is een document met afspraken tussen u en
de pensioenuitvoerder over het onderbrengen van
de pensioenovereenkomst bij de pensioenuitvoerder.
U krijgt per 1 januari 2008 met de uitvoeringsovereenkomst
te maken als u een regeling heeft bij een pensioenfonds
en per 1 januari 2009 als een verzekeraar uw pensioenregeling
uitvoert. U doet er verstandig aan een jurist
in te schakelen voordat u deze overeenkomst afsluit.
Welke onderdelen moet de uitvoeringsovereenkomst
bevatten?
De volgende onderdelen zijn verplicht:
1 de premiebepaling
2 afspraken over het innen van de premies
3 welke informatie u aan de pensioenuitvoerder
verstrekt
4 procedures als u premiebetalingsverplichtingen
niet nakomt
5 de voorwaarden voor indexatie
6 procedures met betrekking tot een wijziging
van pensioenovereenkomsten en de gevolgen voor
het pensioenreglement
7 de gang van zaken bij vermogenstekorten en -overschotten
of winstdeling.
Verder kunt u besluiten om nog een aantal onderdelen
toe te voegen aan het verplichte deel van de uitvoeringsovereenkomst.
U kunt bijvoorbeeld een voorbehoud maken dat u
de pensioenpremie die u bijdraagt mag verminderen
of beëindigen als uw bedrijfsomstandigheden ingrijpend
wijzigen. De werknemer moet dit voorbehoud dan
wel kunnen terugvinden in de startbrief en in
het pensioenreglement.
Wat zijn de veranderingen als u een achterstand
heeft bij de betaling van de premies? De Pensioenwet
verplicht de pensioenuitvoerder de deelnemers
van een betalingsachterstand op de hoogte te brengen
als die achterstand gevolgen heeft voor de pensioenaanspraken
en -uitkeringen. In het verleden was dit een taak
van de werkgever. Deze verandering gaat per 1
januari 2007 in als een pensioenfonds uw regeling
uitvoert en per 1 januari 2008 als u een pensioenregeling
heeft bij een verzekeraar.
Wat zijn de gevolgen van de leeftijdsgrens van
de Pensioenwet voor deelname aan de pensioenregeling?
Alle werknemers van 21 jaar en ouder moeten met
ingang van 1 januari 2008 voortaan aan uw eventuele
pensioenregeling deel kunnen nemen. In het verleden
was er geen wettelijke leeftijdsgrens, maar kenden
de pensioenregelingen vaak een toetredingsleeftijd
van 25 jaar. De nieuwe leeftijdsgrens gaat gelden
voor degenen die op 1 januari 2008 minimaal 21
jaar oud zijn. Het gevolg is dat u waarschijnlijk
meer deelnemers aan uw pensioenregeling krijgt.
Dit betekent dat u meer premie gaat betalen. De
toetredingsleeftijd van 21 betekent overigens
niet dat uw bedrijf geen medewerkers onder die
leeftijd mag toelaten.
Welke wachttijd mag ik op basis van de
Pensioenwet hanteren?
De wachttijd, de periode waarin de werknemer nog
geen pensioen opbouwt, mag niet langer zijn dan
twee maanden. De pensioenregeling mag helemaal
geen wachttijd bevatten voor nabestaanden- en
arbeidsongeschiktheidspensioen. Momenteel bedraagt
de wachttijd vaak nog meer dan twee maanden. De
nieuwe bepalingen voor de wachttijd gaan in op
1 januari 2008. U moet hier rekening mee houden
in de pensioenovereenkomsten die u vanaf die datum
met werknemers sluit.
Wat zijn de gevolgen van de nieuwe wet
voor mijn administratie?
U krijgt zowel een grotere als een andere pensioenadministratie.
Groter vanwege uw nieuwe informatieverplichtingen,
waarvoor u een aparte administratie nodig heeft.
Anders door de uitvoeringsovereenkomst die in
plaats komt van de verzekeringsovereenkomst of
financieringsovereenkomst. Heeft u (veel) medewerkers
die tussen de 21 en 25 jaar oud zijn dan krijgt
u vanaf 2008 ook met een groter deelnemersbestand
te maken waarvoor u een administratie moet bijhouden.
Verder heeft u voor de pensioenovereenkomst die
u met iedere deelnemer sluit ook een administratie
nodig. Een verlichting van uw administratieve
lasten kan optreden doordat in plaats van de werkgever
de pensioenuitvoerder de deelnemers van een betalingsachterstand
op de hoogte moet brengen Dit gebeurt niet allemaal
tegelijk, de Pensioenwet wordt in fasen ingevoerd,
maar het is wel zaak dat u zich hier tijdig op
voorbereidt.
Publ. datum: 31 januari 2007
Bron: © Zibb.nl